Uitspraak ECLI:NL:RBROT:2019:7260

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Civiel recht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 12-09-2019. De uitspraak is gedaan door Rechtbank Rotterdam op 10-09-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:RBROT:2019:7260, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 7489681 GZ VERZ 19-655


Bron: Rechtspraak

ECLI:NL:RBROT:2019:7260:DOC
nl

RECHTBANK ROTTERDAM
zaaknummer: 7489681 GZ VERZ 19-655
uitspraak: 10 september 2019

beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam, inzake ondercuratelestelling

inzake het verzoek van:

[verzoekster] ,
wonende te [woonplaats verzoekster] , [adres verzoekster] ,hierna te noemen verzoekster,
tot ondercuratelestelling van:

[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats betrokkene] ( [geboorteland betrokkene] ) op [geboortedatum betrokkene] ,wonende te [woonplaats betrokkene] , [adres betrokkene] , hierna te noemen betrokkene.
Verloop van de procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
arabic

het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie binnengekomen op 21 januari 2019;

een bereidverklaring van de voorgestelde curator;

een verklaring omtrent het gedrag van de voorgestelde curator;

een verklaring van de logopedist van betrokkene;

een brief van verzoekster van 15 augustus 2019.

De kantonrechter heeft de zaak ter terechtzitting van dinsdag 26 maart 2019 behandeld en heeft verzoekster, tevens de voorgestelde curator, gehoord.

Van het verhandelde ter zitting zijn door de griffier aantekeningen gemaakt.

overwegingen

Beoordeling van het verzoek
Het verzoek strekt tot ondercuratelestelling van betrokkene met benoeming van [naam curator] tot curator.
Het verzoek is gebaseerd op de stelling dat bij betrokkene sprake is van een lichamelijke of geestelijke toestand, waardoor betrokkene tijdelijk of duurzaam zijn belangen niet behoorlijk waarneemt of zijn veiligheid of die van anderen in gevaar brengt en een voldoende behartiging van die belangen niet met een meer passende en minder verstrekkende voorziening kan worden bewerkstelligd. Uit de processtukken en behandeling ter terechtzitting is aannemelijk geworden dat betrokkene als gevolg van een lichamelijke of geestelijke toestand niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen. Aangezien betrokkene echter in Iran verblijft is niet aannemelijk dat verzoekster vanuit Nederland de belangen van betrokkene zal kunnen waarnemen zoals een goed curator betaamt en bovendien kan de kantonrechter daar vanuit Nederland geen toezicht op houden. De kantonrechter zal het verzoek tot instelling van curatele over betrokkene dan ook afwijzen. De kantonrechter ziet ook geen aanleiding om verzoekster te benoemen tot mentor over betrokkene. Ook hier wringt dat betrokkene in Iran verblijft. Als gevolg daarvan is niet aannemelijk dat verzoekster beslissingen kan nemen over de niet-vermogensrechtelijke belangen van betrokkene en daarvoor de verantwoordelijkheid kan nemen. Daarbij komt dat verzoekster heeft verklaard dat betrokkene in zijn ouderlijk huis in Iran wordt verzorgd door professionele hulpverleners onder toezicht van zijn moeder, dat de meerderjarige kinderen van verzoekster en betrokkene nauw zijn betrokken bij de verzorging en dat specifieke medische beslissingen worden genomen in overleg met de dochter van verzoekster en betrokkene. Onder die omstandigheden ontbreekt vooralsnog de noodzaak om verzoekster tot mentor te benoemen.
De kantonrechter ziet wel aanleiding om ter bescherming van de vermogensrechtelijke belangen van betrokkene in Nederland de lichtere maatregel van een geografisch beperkt bewind over de goederen ten behoeve van betrokkene uit te spreken.

Verzoekster heeft aangevoerd dat betrokkene in Nederland staat ingeschreven en hier ook vermogensrechtelijke belangen heeft die zij voor hem wil uitvoeren. De kantonrechter is van oordeel dat uit de door verzoekster overgelegde medische stukken blijkt dat betrokkene in elk geval tijdelijk niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke belangen in Nederland behoorlijk waar te nemen als gevolg van een lichamelijke of geestelijke toestand. Het bewind zal worden uitgesproken over de vermogensrechtelijke belangen van betrokkene voor zover die zijn gelegen binnen Nederland. Er is niet gebleken dat betrokkene belang heeft bij een verder gaand bewind in die zin dat ook de vermogensrechtelijke belangen van betrokkene buiten Nederland onder het bewind zouden moeten vallen. Bovendien zou de kantonrechter geen toezicht kunnen houden op een dergelijk bewind.

Het verzoek zal dan ook worden toegewezen in die zin dat verzoekster zal worden benoemd tot bewindvoerder over de vermogensrechtelijke belangen van betrokkene voor zover die zijn gelegen binnen Nederland.

Ter zitting is gebleken dat betrokkene niet in staat moet worden geacht de rekening en verantwoording te begrijpen en te beoordelen.

beslissing

Beslissing


De kantonrechter:

wijst het verzoek om curatele af;
stelt alle goederen die (zullen) toebehoren aan voornoemd voor zover die zijn gelegen in Nederland onder bewind wegens een lichamelijke of geestelijke toestand;

benoemt tot bewindvoerder:

[verzoekster] verzoekster voornoemd.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.M. Kruithof, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting.15646
Verzonden op: