Uitspraak ECLI:NL:RBAMS:2019:7525

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Bestuursrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 10-10-2019. De uitspraak is gedaan door Rechtbank Amsterdam op 10-10-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:RBAMS:2019:7525, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is AMS 19/5133


Bron: Rechtspraak

RECHTBANK AMSTERDAMuitspraak van de voorzieningenrechter van 10 oktober 2019 in de zaak tussen [verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker,
Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 19/5133

en

de burgemeester van Amsterdam, verweerder(gemachtigden: mr. C.A.R. Bleijendaal en mr. R. den Uyl).
Als derde-partij (vergunninghouder) heeft aan het geding deelgenomen: , te Amstelveen (gemachtigde: J. van Schie).

ECLI:NL:RBAMS:2019:7525:DOC
nl

RECHTBANK AMSTERDAMuitspraak van de voorzieningenrechter van 10 oktober 2019 in de zaak tussen [verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker,
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 19/5133

en

de burgemeester van Amsterdam, verweerder(gemachtigden: mr. C.A.R. Bleijendaal en mr. R. den Uyl).
Als derde-partij (vergunninghouder) heeft aan het geding deelgenomen: , te Amstelveen (gemachtigde: J. van Schie).

procesverloop

Procesverloop

Bij besluit van 26 september 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan vergunninghouder een vergunning verleend om het dance evenement Soundfleet ADE 2019 te organiseren van 16 tot en met 20 oktober 2019.

Verzoeker heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 7 oktober 2019. Verzoeker is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden. Tevens zijn aan de zijde van verweerder verschenen [naam 1] , geluidsdeskundige van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied en [naam 2] , medewerker vergunningen van de gemeente Amsterdam. Vergunninghouder is, met bericht van verhindering, niet verschenen.

overwegingen

Overwegingen

De evenementenvergunning

1. Op 12 augustus 2019 heeft vergunninghouder een aanvraag voor een evenementenvergunning gedaan. Verweerder heeft deze aanvraag gepubliceerd. Verzoeker heeft op 19 augustus 2019 een zienswijze ingediend.

2.1
Met het primaire besluit heeft verweerder een vergunning verleend voor een dance evenement Soundfleet ADE 2019 (hierna: Soundfleet) op het schip Pure-Liner. Soundfleet is officieel onderdeel van het Amsterdam Dance Event, een jaarlijks terugkerende internationale muziekconferentie en festival gericht op elektronische muziek in Amsterdam, dat dit jaar plaatsvindt van 16 tot en met 20 oktober.
2.2
Soundfleet vindt plaats op de volgende dagen en tijden:Per onderdeel zijn maximaal 600 bezoekers toegestaan. De op- en afstapplaats is steiger 14 achter het Centraal Station. Per avond-, middag- of nachtperiode kan er twee keer worden gevaren.
-

woensdag 16 oktober 2019 van 16:00-02:00 uur

donderdag 17 oktober 2019 van 12:00-20:00 en van 23:00-06:00 uur

vrijdag 18 oktober 2019 van 23:00-06:00 uur

zaterdag 19 oktober 2019 van 23:00-06:00 uur

zondag 20 oktober 2019 van 18:00-02:00 uur.

2.3
De vergunning is verleend onder een aantal voorschriften. De bijlagen bij de vergunning, waaronder een geluidsplan aangeleverd door vergunninghouder en een advies van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (Omgevingsdienst), maken integraal onderdeel uit van de vergunning. In de vergunning staat verder dat handelen in strijd met deze voorschriften strafbaar is en kan leiden tot intrekking van de vergunning.
Standpunt verzoeker

3.1
Verzoeker is bewoner van het [adres] . Hij heeft bezwaar gemaakt tegen de evenementenvergunning voor Soundfleet. Ook heeft hij de voorzieningenrechter gevraagd de evenementenvergunning in te trekken, omdat hij, kort gezegd, vreest voor geluidsoverlast in zijn woning van 16 tot en met 20 oktober 2019 waardoor hij niet zal kunnen slapen en werken.
3.2
Volgens verzoeker is onduidelijk welke afspraken zijn gemaakt over het toegestane geluidsniveau en waarop de vergunde nachtnorm van 67 dB(C) is gebaseerd. Op drie andere boten, op het NDSM-terrein, bij Thuishaven en in het Amsterdam Theater vinden bovendien gelijktijdig meerdere andere feesten plaats. Dat leidt tot een stapeling van geluid bij [adres] van 18 tot 21 uur per dag. Verweerder moet bij het verlenen van de vergunningen uitgaan van de totale geluidsbelasting van alle evenementen en niet per evenement kijken. Op het water, dus ook op ’t IJ, wordt geluid versterkt en daarom is water gewoon geen geschikte locatie voor dancefeesten, zo blijkt ook uit het evaluatierapport van een ander festival. Verzoeker heeft al eerder herhaaldelijk last gehad van nachtelijke evenementen op een andere boot, de Pure-Liner II. Volgens een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) moest verweerder voordat hij de vergunning verleende onderzoeken wat de geluidsisolatie is van de gevels van de omliggende woningen. Dit is niet gebeurd in zijn woning. Bij overlast bestaan er geen mogelijkheden voor handhaving. De gemeente, de politie, Waternet en de Havendienst wijzen naar elkaar. Verzoeker vindt de handelswijze van verweerder rond de vergunningverlening en de omgang met zienswijzen niet transparant. Zo zijn de geluidsplannen en adviezen van de Omgevingsdienst niet in te zien, waardoor omwonenden op zenuwen worden gejaagd en lijnrecht tegenover de organisatoren van de evenementen worden gezet.
Standpunt verweerder

4.1
Verweerder heeft zich op de zitting op het standpunt gesteld dat de evenementenvergunning in lijn is met het geldende Amsterdamse Geluidbeleid voor evenementen in Amsterdam (Geluidbeleid) en het Beleid ten aanzien van horeca en evenementen tijdens het Amsterdam Dance Event 2019. [adres] is ook meegenomen in het onderzoek van GeluidBuro, dat ten grondslag ligt aan het Geluidbeleid waarin de geluidsnormen voor evenementen in Amsterdam zijn vastgelegd. Uit het onderzoek en het beleid volgt dat met een gevelnorm van maximaal 85 dB(C) beneden het 50 dB(A)-niveau wordt gebleven in woningen, dat vanuit het oogpunt van het voorkomen van spraak- en slaapverstoring het uitgangspunt is. Hierbij wordt uitgegaan van een gemiddelde geluidwering in de gevel van 20 dB, wat minimaal is vereist voor woningen. De toegestane geluidssterkte op de gevels van omliggende woningen, veroorzaakt door Soundfleet, is volgens het advies van de Omgevingsdienst 85 dB(C) overdag en ’s nachts 67 dB(C). Hiermee wordt dus binnen de maximale gevelnormen uit het beleid gebleven.
4.2
Verder is er dit jaar voor evenementen op de schepen voor het eerst een meet- en handhavingssysteem dat aansluit bij de vaste werkwijze voor podia op het vasteland. Op alle podia, ook op boten zoals de Pure-Liner, wordt nu voor het eerst continu de geluidssterkte ‘Front of House’ (FoH), dat wil zeggen op 15-25 meter van de hoofdgeluidsbron, gemeten. Deze metingen worden 24 uur per dag realtime gemonitord door handhavers van verweerder in een Actie Service Centrum. Zij kunnen zo zien of de verschillende evenementen voor wat betreft het geluid de vergunningvoorwaarden naleven. Zodra de toegestane normen wordt overschreden, wordt er direct gebeld of gechat met de verplichte contactpersoon van het desbetreffende evenement zodat het geluid onmiddellijk kan worden bijgesteld conform de vergunde geluidsnormen. Ook is op [adres] een permanent meetpunt geplaatst waarmee de gevelnorm kan worden gemeten. Zoals de Omgevingsdienst op de zitting heeft toegelicht, kan via de ‘vingerafdruk’ van de geluidsgolven op dat meetpunt bij overschrijding van de gevelnorm worden achterhaald van welk podium de overschrijding afkomstig is. Dan kan ook worden overgegaan tot handhaving. ’s Ochtends worden de evenementen geëvalueerd en het niet naleven van de vergunningvoorwaarden kan dan consequenties hebben voor de evenementen van de vergunninghouder die dag(en) erna. Verweerder stelt zich verder op het standpunt dat zijzelf verantwoordelijk is voor handhaving met betrekking tot de evenementenvergunningen en dat de Havendienst alleen verantwoordelijk is voor de handhaving van de openbare orde op het water.
Beoordeling door de voorzieningenrechter

5. De voorzieningenrechter stelt voorop dat de bevoegdheid van verweerder tot verlening van een evenementenvergunning een discretionaire bevoegdheid is, waarbij een ruime mate van beleidsruimte toekomt. Dit is vaste rechtspraak van de Afdeling. De rechter moet de invulling van die beleidsruimte terughoudend toetsen.

Geluidsnormen

6.1
De voorzieningenrechter stelt vast dat bij de evenementenvergunning voor Soundfleet een aantal voorschriften horen. Uit het advies van de Omgevingsdienst volgt dat het geluid afkomstig van de Pure-Liner tussen 15:00-23:00 uur de gevelnorm op omliggende geluidgevoelige gebouwen, zoals [adres] , van 85 dB(C) (gemeten over drie minuten) niet mag overschrijden. Tijdens de nachtelijke uren, van 23:00-08:00 uur mag die niet meer zijn dan 67 dB(C) (gemeten over drie minuten). Wanneer de Pure-Liner binnen de bebouwde kom vaart mag het geluid, gemeten FoH, niet meer bedragen dan 85 dB(A) (gemeten over vijftien minuten), en buiten de bebouwde kom niet meer dan 95 dB(A) (gemeten over vijftien minuten). Verder staat in het geluidsplan dat, indien de Pure-Liner ligt aangemeerd en als dichte locatie kan worden aangemerkt, er geen geluidshinder zal optreden. Als de Pure-Liner gaat varen, is het continu in beweging en zouden omwonenden geen langdurige geluidshinder moeten ondervinden.
6.2
De voorzieningenrechter constateert dat de vergunde normen, met uitzondering van de nachtelijke gevelnorm van 67 dB(C), in lijn zijn met het Geluidbeleid. Dit beleid is opgesteld vanuit de wens van verweerder om een betere balans vinden tussen het beperken van de geluidsoverlast voor omwonenden en de toename van het aantal (grote) muziekevenementen in de stad. Uit het beleid volgt dat bij deze normen, uitgaande van een gemiddelde gevelwering van 20 dB, geen onaanvaardbare overlast in omliggende woningen zou moeten optreden. Dat verweerder de geluidwering van de gevel van [adres] moet onderzoeken, in lijn met de uitspraak van de Afdeling waarop verzoeker een beroep doet, volgt de voorzieningenrechter niet, nu de geluidwering van de gevel, anders dan in die uitspraak, al in het beleid is verdisconteerd. Bovendien is op de zitting besproken dat de woning van verzoeker beschikt over zogeheten ‘dove gevels’ vanwege de nabijgelegen bedrijventerreinen en dat de geluidwering van het [adres] ten minste 25 dB bedraagt.
6.3
De voorzieningenrechter overweegt verder dat de evenementenvergunning voor wat betreft de nachtelijke gevelnorm met 67 dB(C) afwijkt van de nachtelijke gevelnorm van 65 dB(C) uit het Geluidbeleid. Verweerder heeft echter gemotiveerd aangegeven dat, in afwachting van besluitvorming over de nieuwe nachtnormering, uitgegaan wordt van afspraken die voor het Amsterdam Dance Event 2017 waren gemaakt. Op basis daarvan is voor Soundfleet de nachtelijke norm van 67 dB(C) voor een festival van drie of meer dagen/nachten vergund. Hiermee wordt echter nog ruim onder de gevelnorm van 85 dB(C) gebleven, dat volgens het onder 4.1 genoemde onderzoek het uitgangspunt voor het voorkomen van slaap- en spraakverstoring is. De voorzieningenrechter vindt deze afwijking van het beleid daarom niet onredelijk.
6.4
Dat houdt in dat de door verweerder vergunde geluidsnormen geen overlast zouden moeten veroorzaken in de woning van verzoeker. Voor zover verzoeker het niet eens is met het beleid, overweegt de voorzieningenrechter dat, zoals ook ter zitting besproken, deze voorlopige voorziening niet de aangewezen procedure is om dit aan de orde te stellen. Verzoeker kan deze bezwaren in een eventuele bodemprocedure aan de orde stellen.
Handhaving

7.1
In de voorschriften bij de vergunning en in het advies van de Omgevingsdienst staat dat, ter voorkoming van het overschrijden van de geluidsnormen, tijdens het evenement minimaal twee keer per uur het geluid moet worden gemeten. Op minimaal één avond moeten er representatieve walmetingen op omliggende woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen worden gedaan op een bekende afstand. Ook moet dan een binnenmeting worden uitgevoerd. De metingen moeten worden uitgevoerd door een deskundige op het gebied van akoestiek bij evenementen en conform het Meet- en rekenprotocol bij het Geluidsbeleid. Tijdens en na het evenement krijgt de toezichthouder inzicht in de meetdata en deze blijven tenminste één jaar bewaard. De metingen worden binnen vier weken na het evenement aan verweerder overgelegd. De aanwijzingen van de politie en andere toezichthouders met betrekking tot de geluidssterkte dienen stipt te worden nagekomen en indien gevorderd wordt het gebruik van de geluidsinstallatie onmiddellijk gestaakt.
7.2
De voorzieningenrechter overweegt dat in de vergunning en bijbehorende voorschriften voldoende is gewaarborgd dat er tijdig kan worden gehandhaafd indien er overschrijding van de toegestane geluidsnormen bij de bron plaatsvindt. Met het systeem van 24 uur per dag realtime monitoring door handhavers van verweerder in het Actie Service Centrum, zoals toegelicht op de zitting, mag verzoeker ervan uitgaan dat indien vergunninghouder de voorgeschreven geluidsnormen overschrijdt, er direct zal worden gehandhaafd.
7.3
De voorzieningenrechter volgt verzoeker niet in zijn stelling dat bij overlast door de stapeling van het geluid van de verschillende gelijktijdige evenementen niet achterhaald kan worden wie de boosdoener is en dus niet kan worden gehandhaafd. Gelet op de toelichting van de Omgevingsdienst ter zitting kan, indien de maximaal toegestane gevelnorm op [adres] wordt overschreden, via de vingerafdruk van de geluidsgolven worden vastgesteld van welk podium of evenement de overschrijding afkomstig is geweest. Dit zal dan (achteraf) moeten blijken uit de meetgegevens van Soundfleet en van [adres] . De voorzieningenrechter heeft begrepen dat dit voor alle vergunde evenementen geldt, dus ook voor Soundfleet. Pieken korter dan drie minuten en/of die minder dan 67 dB(C) op de gevel van [adres] veroorzaken, zijn niet in strijd met de evenementenvergunning. Mocht verzoeker hiervan overlast ondervinden, dan kan daar dus niet op worden gehandhaafd. De voorzieningenrechter vindt het tot slot voldoende duidelijk dat verweerder degene is die verantwoordelijk is voor handhaving van het niet-naleven van de vergunningvoorschriften. In de reactie op de zienswijze van verzoeker is ook aangegeven waar verzoeker met eventuele klachten vanwege overlast terecht kan.
Belangenafweging

8.1
De voorzieningenrechter overweegt dat, ondanks de vergunningvoorwaarden met betrekking tot de geluidsnormen, meetvoorschriften en handhaving, niet op voorhand valt uit te sluiten dat verzoeker overlast zal ondervinden van het evenement Soundfleet op de Pure-Liner. Het kan immers zo zijn dat de Pure-Liner herhaaldelijk langs [adres] vaart en daarmee kortstondige geluidspieken veroorzaakt waardoor bij verzoeker overlast of slaapverstoring zou kunnen optreden. In de vergunning zijn geen voorschriften opgenomen met betrekking tot de vaarroute. Wel staat in de reactie van verweerder op de zienswijze van verzoeker dat de Pure-Liner bij het aan- en afmeren én tijdens het varen de ramen en deuren gesloten moet houden. Daarvan uitgaande kan de voorzieningenrechter verzoeker niet volgen in zijn standpunt dat het evenement Soundfleet als buitenevenement moet worden gezien en aan andere gevelnormen gebonden zou zijn.
8.2
In de mogelijke overlast ziet de voorzieningenrechter echter geen aanleiding om de gevraagde voorlopige voorziening te treffen. De reden hiervoor is dat de voor het evenement vergunde geluidsnormen voldoen aan de maximaal vergunbare geluidsnormen uit het Geluidbeleid voor evenementen in Amsterdam en dat verweerder voor wat betreft de nachtelijke normen in redelijkheid daarvan heeft kunnen afwijken. Bij het tot stand komen van dat beleid is rekening gehouden met geluidshinder voor omwonenden. De argumenten van verzoeker dat hij als omwonende desalniettemin veel geluidshinder zal ondervinden, zijn onvoldoende voor het toewijzen van de voorziening, zeker gelet op het feit dat voor evenementen op de schepen voor het eerst een meet- en handhavingssysteem wordt gehanteerd waarbij het geluid continu wordt gemonitord door handhavers. Uit de evaluatie zal dan ook eerst moeten blijken of dit systeem voldoende waarborgen biedt om overschrijding van de vergunde normen te voorkomen en succesvol op te lossen.
8.3
De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder de gevraagde vergunning in redelijkheid heeft kunnen verlenen. Bij deze stand van zaken vindt de voorzieningenrechter het belang van de vergunninghouder voor het conform de evenementenvergunning doorgang laten vinden van Soundfleet op dit moment zwaarder wegen dan het belang van verzoeker bij de door hem gevraagde intrekking van de vergunning of reductie van de vergunde geluidsnormen.
9. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Dat betekent dat de vergunninghouder zijn evenement Soundfleet conform de verleende evenementenvergunning mag laten doorgaan.
10. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Conclusie

beslissing

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. D. Bode, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. Journée, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 10 oktober 2019.

griffier voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Toepasselijke wet- en regelgeving

Gemeentewet

1. De burgemeester is belast met het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven. 2 De burgemeester is bevoegd bij de uitoefening van het toezicht, bedoeld in het eerste lid, de bevelen te geven die met het oog op de bescherming van veiligheid en gezondheid nodig zijn. 3 De burgemeester is belast met de uitvoering van verordeningen voor zover deze betrekking hebben op het in het eerste lid bedoelde toezicht.
Artikel 174

Algemene Plaatselijke Verordening 2008 (Amsterdam)

1. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te houden.(…)
a. het evenement gevaar oplevert voor de openbare orde, de gezondheid, de veiligheid, de brandveiligheid of voor het ontstaan van wanordelijkheden; b. een onevenredig groot aantal bezoekers te verwachten is; c. het evenement zich niet verdraagt met het karakter of de bestemming van de plaats op waar het wordt gehouden; d. het evenement een onevenredig groot beslag legt op de beschikbare ruimte of tijd dan wel de inzet van hulpdiensten; e. het evenement een belemmering vormt voor het verkeer of het scheepvaartverkeer; f. van het evenement een onevenredige belasting voor het woon- of leefklimaat in de omgeving te verwachten is; g. het evenement verontreiniging tot gevolg heeft, afbreuk doet aan het uiterlijk aanzien van de omgeving dan wel schade toebrengt aan groenvoorzieningen of voorzieningen van openbaar nut; h. de organisator onvoldoende waarborgen biedt voor een goed verloop van het evenement, gelet op de hiervoor genoemde belangen of i. de organisator onvoldoende waarborgen biedt om schade aan het milieu als gevolg van het evenement te voorkomen of te beperken.
1. De burgemeester kan aan de vergunning bedoeld in artikel 2.40, eerste lid voorschriften en beperkingen verbinden ter bescherming van de in artikel 2.43 genoemde belangen.(…)
Artikel 2.40

Artikel 2.43De burgemeester kan de vergunning weigeren als naar zijn oordeel:
Artikel 2.44

Algemene wet bestuursrecht

1. Onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. (…)3. Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen.
1. Voordat een bestuursorgaan een beschikking geeft waartegen een belanghebbende die de beschikking niet heeft aangevraagd naar verwachting bedenkingen zal hebben, stelt het die belanghebbende in de gelegenheid zijn zienswijze naar voren te brengen indien: a. de beschikking zou steunen op gegevens over feiten en belangen die de belanghebbende betreffen, en b. die gegevens niet door de belanghebbende zelf ter zake zijn verstrekt. (…)
Artikel 1:2

Artikel 4:8

_614450a9-e1e5-4ec1-9511-903475529bb8
1

Het rapport van Event Acoustics ‘Amsterdam NDSM, DGTL 2019’ van 15 mei 2019.

_e08ab458-4c65-4356-9a4a-6dedbbaff1a6
2

ECLI:NL:RVS:2019:2346.

_fd5048d6-c258-4b60-91b9-372377c5777f
3

De beleidsregel Geluidbeleid voor evenementen in Amsterdam (met bijlagen Meet- en rekenprotocol evenementengeluid en BBT-Lijst 2019) en Beleid ten aanzien van horeca en evenementen tijdens het Amsterdam Dance Event 2019 van 1 maart 2018.

_e9f1a126-7c32-4756-94b9-579afb05e898
4

Onderzoek Geluid bij evenementen en ODNZKG, Evaluatie evenementen Amsterdam 2017, Meetwaardenonderzoek, van Het GeluidBuro (2016).

_7fc7fa35-b88c-44ac-8986-4b2f06dc5cf3
5

Zie artikel 3.2 van het Bouwbesluit 2012.

_a4994fb4-418a-40d8-ab09-c6ce8a86d848
6

Naar aanleiding van het in voetnoot 1 genoemde rapport van Event Acoustics ‘Amsterdam NDSM, DGTL 2019’ van 15 mei 2019.

_7960b2f2-6c29-46ed-af9b-5b417686a087
7

Zie bijvoorbeeld een uitspraak van 8 februari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV3184, r.o. 2.5.1.

_73985897-6e12-42a6-b1a5-e09e26573055
8

In zowel de reactie op de zienswijze van verzoeker van 26 september 2019 als in e-mailcorrespondentie tussen verweerder en de Omgevingsdienst van 19 september 2019.