Uitspraak ECLI:NL:HR:2020:29

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Civiel recht; Burgerlijk procesrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 10-01-2020. De uitspraak is gedaan door Hoge Raad op 10-01-2020, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:HR:2020:29, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 18/04045


Bron: Rechtspraak

ECLI:NL:HR:2020:29:DOC
nl

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer

Datum

ARREST

In de zaak van

[eiseres] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie,hierna: [eiseres],advocaat: aanvankelijk R.M. Hermans en thans J.W.M.K. Meijer,
tegen

GEMEENTE NOORDOOSTPOLDER,zetelende te Emmeloord, gemeente Noordoostpolder,VERWEERSTER in cassatie,hierna: de Gemeente,advocaat: M.W. Scheltema.
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld. De Gemeente heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor [eiseres] mede door mr. L. Di Bella en voor de Gemeente mede door mr. S.J.M. Bouwman.De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding verwijst de Hoge Raad naar:
loweralpha

zijn arrest tussen partijen in de zaak 15/01908, ECLI:NL:HR:2016:1454 van 8 juli 2016;

het arrest in de zaak 200.207.795/01 van gerechtshof 's-Hertogenbosch van 26 juni 2018.

overwegingen

2

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
beslissing

3

De Hoge Raad:- verwerpt het beroep;- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 6.662,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiseres] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op .