Uitspraak ECLI:NL:HR:2019:935

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Civiel recht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 13-06-2019. De uitspraak is gedaan door Hoge Raad op 14-06-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:HR:2019:935, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 19/01014


Bron: Rechtspraak

ECLI:NL:HR:2019:935:DOC
nl

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer

Datum

BESCHIKKING

In de zaak van

[betrokkene] ,wonende te [woonplaats] , VERZOEKSTER tot cassatie,hierna: betrokkene,advocaat: mr. G.E.M. Later,
tegen

OFFICIER VAN JUSTITIE BIJ HET ARRONDISSEMENTSPARKET ZEELAND-WEST-BRABANT,VERWEERDER in cassatie,hierna: de officier van justitie,niet verschenen.
1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/02/353720 FA RK 19/110 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 14 januari 2019.Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
overwegingen

2

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
beslissing

3

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op .