Uitspraak ECLI:NL:HR:2019:927

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 13-06-2019. De uitspraak is gedaan door Hoge Raad op 14-06-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:HR:2019:927, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 18/01535


Bron: Rechtspraak

ECLI:NL:HR:2019:927:DOC
nl

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer

Datum

ARREST

In de zaak van

[eiseres] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie,hierna: [eiseres],advocaat: mr. M.W. Scheltema,
tegen

VERWEERDERS in cassatie,hierna gezamenlijk : [verweerders],advocaat: mr. J.P. Heering.
[eiseres] heeft tegen de arresten van het gerechtshof beroep in cassatie ingesteld. [verweerders] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor [verweerders] mede door mr. J.L. Luiten.De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
1. [verweerster 1],wonende te [woonplaats], 2. [verweerder 2],wonende te [woonplaats], 3. [verweerster 3],wonende te [woonplaats], 4. [verweerder 4],wonende te [woonplaats],
1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:a. de vonnissen in de zaak C/02/287719/HA ZA 14-683 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 14 januari 2015 en 2 december 2015;b. de arresten in de zaak 200.186.911/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 18 juli 2017 en 16 januari 2018.
overwegingen

2

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
beslissing

3

De Hoge Raad:- verwerpt het beroep;- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 2.049,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op .