Uitspraak ECLI:NL:HR:2019:587

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 11-04-2019. De uitspraak is gedaan door Hoge Raad op 12-04-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:HR:2019:587, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 18/05023


Bron: Rechtspraak

12 april 2019Nr. 18/05023
Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van te (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het van 27 november 2018, nr. 18/00335, betreffende een verzoek van belanghebbende tot herziening van de uitspraak van dat Hof van 15 oktober 2010, nr. 120/09.

ECLI:NL:HR:2019:587:DOC
nl

12 april 2019Nr. 18/05023
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van te (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het van 27 november 2018, nr. 18/00335, betreffende een verzoek van belanghebbende tot herziening van de uitspraak van dat Hof van 15 oktober 2010, nr. 120/09.

overwegingen

1

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het beroep in cassatie heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep in cassatie dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur‑Generaal – het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk verklaren.
beslissing

2

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 12 april 2019.