Uitspraak ECLI:NL:HR:2019:375

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 14-03-2019. De uitspraak is gedaan door Hoge Raad op 15-03-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:HR:2019:375, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 19/00137


Bron: Rechtspraak

15 maart 2019Nr. 19/00137
Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van te (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de van 27 december 2018, nr. 17/7499 PW-V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 3 juli 2018.

ECLI:NL:HR:2019:375:DOC
nl

15 maart 2019Nr. 19/00137
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van te (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de van 27 december 2018, nr. 17/7499 PW-V, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 3 juli 2018.

overwegingen

1

Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de bestuursrechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep als deze, die is gedaan op het verzet tegen een met toepassing van artikel 8:54 Awb gedane uitspraak inzake de toepassing van de Participatiewet. Het beroep in cassatie dient daarom niet-ontvankelijk te worden verklaard.

2

De Hoge Raad ziet geen redenen voor een veroordeling in de proceskosten.

beslissing

3

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 15 maart 2019.