Uitspraak ECLI:NL:HR:2019:220

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Strafrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 12-02-2019. De uitspraak is gedaan door Hoge Raad op 12-02-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:HR:2019:220, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 18/01271


Bron: Rechtspraak

12 februari 2019Strafkamernr. S 18/01271 PAKA
Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

[betrokkene]

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 13 februari 2018, nummer 23/003207-12, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:

ECLI:NL:HR:2019:220:DOC
nl

12 februari 2019Strafkamernr. S 18/01271 PAKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest

[betrokkene]

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 13 februari 2018, nummer 23/003207-12, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
1

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Middelen van cassatie zijn namens deze niet voorgesteld. De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de betrokkene in het beroep.
overwegingen

2

Nu de betrokkene niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, tweede lid, in verbinding met art. 511h van het Wetboek van Strafvordering, zodat de betrokkene in het beroep niet kan worden ontvangen.

beslissing

3

De Hoge Raad verklaart de betrokkene niet-ontvankelijk in het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van .