Uitspraak ECLI:NL:GHAMS:2019:3647

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Strafrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 10-10-2019. De uitspraak is gedaan door Gerechtshof Amsterdam op 10-10-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:GHAMS:2019:3647, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is R 000618-19


Bron: Rechtspraak

beschikking

center
100
e5e4e6fb-51be-4c07-9f2a-eadd52e7ed3f
2
13
image/png

center
100
bdfb01ca-1ba1-405b-942e-49b8358fa816
2
13
image/png

center
100
1744eda5-9560-45c8-8491-09260267bcc4
2
571
image/png

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling strafrechtrekestnummer(s): 000618-19 (591a Sv)parketnummer in hoger beroep: 23-002196-18
Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:

[verzoeker],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1954,domicilie kiezende ten kantore van haar advocaat,mr. J. Biemond, Joseph Ledelstraat 116, 2518 KM Den Haag.

ECLI:NL:GHAMS:2019:3647:DOC
nl

beschikking
center
100
e5e4e6fb-51be-4c07-9f2a-eadd52e7ed3f
2
13
image/png

center
100
bdfb01ca-1ba1-405b-942e-49b8358fa816
2
13
image/png

center
100
1744eda5-9560-45c8-8491-09260267bcc4
2
571
image/png

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling strafrechtrekestnummer(s): 000618-19 (591a Sv)parketnummer in hoger beroep: 23-002196-18
Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:

[verzoeker],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1954,domicilie kiezende ten kantore van haar advocaat,mr. J. Biemond, Joseph Ledelstraat 116, 2518 KM Den Haag.
procesverloop

1

Het verzoekschrift is op 21 mei 2019 ingekomen.

Op 15 augustus 2019 heeft de advocaat-generaal het standpunt van het Openbaar Ministerie kenbaar gemaakt.

Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 26 september 2019 de advocaat-generaal en de advocaat van verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Verzoekster is niet in raadkamer verschenen.

2

Het verzoek strekt tot het toekennen van een vergoeding op de voet van artikel 591a Sv ter zake van:

arabic

kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van de strafzaak met voormeld parketnummer ten bedrage van € 2.217,78;

reiskosten gemaakt ten behoeve van het onderzoek en het bijwonen van de behandeling van de strafzaak ten bedrage van € 359,75;

kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van onderhavige verzoekschriftprocedure ten bedrage van € 550,00.

overwegingen

3

Bij arrest van dit hof van 26 februari 2019 is de strafzaak met voormeld parketnummer geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht (Sr).

Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.

Ingevolge het bepaalde in artikel 90, eerste lid, Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe naar het oordeel van de rechter, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.

Onder 2 is verzocht een vergoeding van reiskosten ten behoeve van het onderzoek en het bijwonen van de behandeling van de zaak.

Verzoekster vraagt om vergoeding van reiskosten van haar woning in Zandvoort naar de rechtbank in Haarlem en naar het hof in Amsterdam alsmede om vergoeding van vliegtickets van Turkije naar Nederland nu zij stelt grotendeels in Turkije te verblijven.

Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor vergoeding van de reiskosten van Zandvoort naar de rechtbank te Haarlem v.v. en naar het gerechtshof te Amsterdam v.v. tot een bedrag van – zoals door verzoeker is gesteld – € 18,42 (2x 2,27 en 2x 6,94)

Geen gronden van billijkheid zijn aanwezig voor vergoeding van de vliegtickets nu verzoekster staat ingeschreven in Zandvoort, het gestelde voorts onvoldoende is onderbouwd en evenmin tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat verzoekster uitsluitend) voor het onderzoek ter terechtzitting uit Turkije naar Nederland is gekomen.

Verzoekster vraagt eveneens om vergoeding van haar reiskosten in verband met een overleg met haar advocaat. Het hof wijst het verzoek in zoverre af omdat deze kosten niet zijn gemaakt ‘ten behoeve van het onderzoek en de behandeling der zaak’ zoals bedoeld in artikel 591a, lid 1 Sv (vergelijk Gerechtshof Amsterdam 6 april 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:1196).

Gronden van billijkheid zijn aanwezig voor toekenning van een vergoeding ter zake van:

-

het verzochte onder 1 tot een bedrag van € 2.217,78;

het verzochte onder 2 tot een bedrag van € 18,42;

het verzochte onder 3 tot een bedrag van € 550,00.

beslissing

4


Het hof :

Kent op de voet van artikel 591a Sv aan verzoekster een vergoeding toe van € 2.786,20 (tweeduizend zevenhonderdzesentachtig euro en twintig cent).

Wijst het anders of meer verzochte af.

Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan verzoekster.

Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. M. Iedema, F.A. Hartsuiker en V. Mul, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 10 oktober 2019.

De voorzitter beveelt:

de tenuitvoerlegging van deze beschikking door overmaking van € 2.786,20 (tweeduizend zevenhonderdzesentachtig euro en twintig cent) op bankrekeningnummer [rekeningnummer] t.n.v. J. Biemond o.v.v. schadevergoeding [verzoeker].

Amsterdam, 10 oktober 2019.

mr. M. Iedema, voorzitter.