Uitspraak ECLI:NL:CRVB:2019:2644

Deze uitspraak heeft betrekking op het rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht en is gepubliceerd door de Raad voor de Rechtspraak op 07-08-2019. De uitspraak is gedaan door Centrale Raad van Beroep op 07-08-2019, deze uitspraak is bekend onder de European Case Law Identifier (ECLI) ECLI:NL:CRVB:2019:2644, het zaaknummer waarop deze uitspraak betrekking heeft is 18/4270 WAO


Bron: Rechtspraak

ECLI:NL:CRVB:2019:2644:DOC
nl

18


Datum uitspraak: 7 augustus 2019

Centrale Raad van BeroepEnkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 26 juni 2018, 18/1461 (aangevallen uitspraak)
Partijen:

[appellant] te [woonplaats] (appellant)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. E. Doornbos, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 26 juni 2019. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door A. Anandbahadoer.

OVERWEGINGEN

1. Bij besluit van 29 september 2017 heeft het Uwv de uitkering van appellant op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) over de periode van 13 november 2008 tot 1 oktober 2017 teruggevorderd tot een bruto bedrag van € 197.739,78. Bij beslissing op bezwaar van 16 januari 2018 (bestreden besluit) is het door appellant gemaakte bezwaar tegen dit besluit niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift geen gronden bevat en binnen de daartoe gestelde hersteltermijn evenmin de gronden van het bezwaar zijn ingediend bij het Uwv.
2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. Hiertoe heeft de rechtbank overwogen dat het bezwaarschrift niet voldoet aan het vereiste van artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Appellant heeft de ontvangst van de brief van 14 november 2017 van het Uwv, waarbij hem een hersteltermijn van vier weken is geboden, niet betwist. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat binnen de geboden hersteltermijn alsnog de gronden zijn ingediend. Evenmin is gebleken dat appellant op 7 december 2017 een faxbericht bij het Uwv heeft ingediend.
3.1.
Appellant heeft in hoger beroep aangevoerd dat, gegeven zijn belangen, de rechtbank de omstandigheid dat het faxbericht van 7 december 2017 naar zijn zeggen naar een onjuist faxnummer is verzonden, “met de mantel der liefde zou hebben moeten bedekken”. Daar komt nog bij, volgens appellant, dat de rechtbank ten onrechte een verzoek om uitstel van de zitting heeft genegeerd.
3.2.
Het Uwv heeft bevestiging van de aangevallen uitspraak bepleit.
4.1.
De Raad komt tot de volgende beoordeling.
4.2.
De rechtbank heeft het beroep van appellant terecht ongegrond verklaard. De overwegingen van de rechtbank worden volledig onderschreven. Appellant heeft, ook in hoger beroep, niet gesteld of aannemelijk gemaakt dat het niet tijdig indienen van de bezwaargronden hem niet kan worden verweten. Het argument dat de rechtbank de bedoelde omissie “met de mantel der liefde had moeten bedekken” maakt niet dat de niet‑ontvankelijkverklaring niet in stand kan blijven.
4.3.
De omstandigheid dat de rechtbank het verzoek om uitstel van de zitting niet heeft gehonoreerd kan het overwogene onder 4.2 niet anders maken. Overigens is alleen appellant zelf, vlak voor aanvang van de geplande behandeling, wegens gestelde ziekte verhinderd gemeld. Gemachtigde van appellant had de belangen van appellant ter zitting kunnen behartigen, maar is zonder berichtgeving eveneens niet verschenen.
4.4.
Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak zal worden bevestigd.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

beslissing

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door B.J. van de Griend, in tegenwoordigheid van J.R. Trox als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 7 augustus 2019.

(getekend) B.J. van de Griend

(getekend) J.R. Trox

TM